HyGear

Waterstof als brandstof

In 2002 werd in Arnhem het idee waterstof ter plaatse als brandstof voor auto’s te gebruiken omgezet in het bedrijf HyGear. Enkele jaren later kwam de interesse in waterstofauto’s maar moeilijk op gang. Directeur Marinus van Driel en zijn collega’s besloten het over een andere boeg te gooien: in kleine fabriekjes op locatie bij de klant waterstof uit biogas of aardgas maken.

Het besluit verliep niet zonder succes. Met name vanuit de glas- en metaalindustrie bestaat namelijk een steeds grotere drive om kosten te reduceren en de uitstoot van schadelijke emissies te beperken. Lokale productie van waterstof heeft als voordeel dat inefficiënt transport en de daarmee gepaard gaande vervuiling overbodig wordt.

Van Driel: “We begonnen met de verkoop van installaties wereldwijd. Later besloten we de waterstofinstallaties op onze balans te zetten en de klant te laten betalen voor wat hij gebruikt. Bij de grootte van zo’n installatie moet gedacht worden aan een zeecontainer, die we aansluiten op het gasnet.” Het waterstof wordt ter plekke geproduceerd en hoeft niet langer rondgereden te worden. “We ontzorgen de klant, van wie we alleen een klein stukje grond nodig hebben.”

Opslag van duurzame elektriciteit

Ook al blijft de industriële markt voorlopig het grootste aandachtspunt, de waterstofvervoersmarkt die in 2007 nog leek dood te bloeden, is inmiddels in een stroomversnelling geraakt. Twintig procent van de aanvragen die HyGear nu krijgt, heeft te maken met waterstofvervoer.

“Om deze markt te bedienen hebben we de afgelopen jaren sterk ingezet op de ontwikkeling van een product dat voor de productie van waterstof geen aardgas gebruikt maar elektriciteit. Dit product kan tevens een belangrijke rol spelen voor de opslag van duurzame stroom. In tijden dat er teveel stroom beschikbaar is zetten we het om in waterstof, en in tijden dat er te korten zijn, kunnen we het efficiënt terug converteren in groene stroom” In Arnhem staat nu al een tankstation van het bedrijf waar brandstof wordt gemaakt voor waterstofauto’s. “Die willen we mede met de hulp van Oost NL opschalen en een dubbele functie geven in de opslag van duurzame elektriciteit.”

In Zuid- en in West-Europa wordt de ontwikkeling volop in de gaten gehouden. “Daar zijn we stevig aan het groeien. Ook in zuidoost Azië leveren we inmiddels volledige service, met een kantoor in Singapore.” 75 mensen werken nu vanuit Arnhem voor het bedrijf. “Zowel in Europa als in Azië kunnen we binnen een dag ter plaatse zijn indien nodig.”

Door ontwikkelen

Gemiddeld staan startende bedrijven een jaar of zeven op de radar van Oost NL. Voor HyGear loopt de begeleiding al sinds 2005. “In de afgelopen jaren hebben we telkens gekeken hoe we het bedrijf tot de volgende fase konden ontwikkelen.” Met een knipoog voegt Van Driel daar aan toe dat het nadeel van een groeionderneming het feit is dat er telkens meer kapitaal nodig is. De kennis die Oost NL meebrengt, noemt hij essentieel. “We zijn ondernemer, geen financieel specialist. Voor mensen die bij Oost NL aan onze case werken, is dat gesneden koek. Het is een lang traject geweest voor Oost NL, maar het moment waarop ze het meeste toegevoegde waarde leveren, is nu. Steeds meer lokale bedrijven raken geïnteresseerd in onze technologie.”

www.hygear.com